
In de vorige blog legden we de link tussen Zhang Sanfeng, het ontstaan van taijiquan en de interne Wudang stijl. De Wudanstijl beoefent nog altijd de oorspronkelijke 108-vorm, zie het filmpje op onze facebookpagina. Na Zhang Sanfeng werd de kunst van taijiquan – volgens het basiswerk van Chen Yanlin – onafgebroken van generatie op generatie doorgegeven via een specifieke keten van opeenvolgende meesters:
- Wang Zong (uit Shaanxi)
- Chen Tongzhou (uit Wenzhou)
- Zhang Songxi (uit Haiyan)
- Ye Jimei (uit Siming)
- Wang Zongyue (uit Shanxi)
- Jiang Fa (uit Henan)
Volgens Chen Yanlin (uit de Yang traditie) was het uiteindelijk deze Jiang Fa die de kunst zou overdragen aan de familie Chen in het dorp Chenjiagou (in Huaiqing Prefecture, Henan), via Chen Bu. Andere bronnen verbinden de oorsprong van Taijiquan rechtstreeks met de familie Chen uit het dorp Chenjiagou (Wen County, Henan).
Taiji Boxing werd ontwikkeld door Chen Wangting (of Zouting), zoon van Chen Bu uit de negende generatie van de Chen-familie, die leefde tijdens de overgang van de Ming- naar de Qing-dynastie in de 17e eeuw. Chen Wangting was uitstekend onderlegd in zowel literaire als militaire zaken. Volgens de officiële familiestamboom van de familie Chen (Chen Family Genealogy) slaagde hij voor de militaire examens aan het einde van de Ming-dynastie en voor de civiele examens onder de vroege Qing-dynastie. Hij had een grote reputatie in Shandong, waar hij werd ingezet in de verdediging tegen bandieten en rebellen. Hij trainde verschillende duizenden soldaten om de grenzen te verdedigen. Hij werd uiteindelijk een gevierd generaal.
Wangting had een goede band met Li Jiyu, een militaire rebellenleider. Na de nederlaag en executie van Li Jiyu werd een van diens trouwe officieren, jawel diezelfde Jiang Fa (de trouwe bediende en metgezel van Chen Wangting). Op het overgeleverde familieportret van Chen Wangting staat hij zittend afgebeeld met Jiang Fa die achter hem staat met een hellebaard. (degene die zittend plaatsneemt, is meestal de leerkracht of meester – degene die rechts staat is normaal de student). De bronnen spreken zich een beetje tegen wat dat betreft, maar het zou toch wel best kunnen dat diezelfde Jiang Fa een rol speelde in de ontwikkeling van de Chen Stijl.
Wangting keerde in 1644 bij de wissel van de dynastieën teleurgesteld terug naar zijn geboortedorp, Chenjiagou, en naar het boerenbestaan. Hij werd vergezeld door zijn loyale metgezel Jiang Fa. Deze periode was er een van eenzaamheid, maar ook van een diepe, innerlijke alchemie. De frustratie over de gevallen natie en zijn eigen politieke isolement werden getransformeerd in een visie voor een “sterke natie door sterke individuen.”
In zijn beroemde gedicht, de ‘Long and Short Verses’, vangen we de essentie van deze transformatie: “Ik creëer bokssets in tijden van verveling… in de vroege ochtend en late avond onderwijs ik mijn zonen en kleinzonen, zodat zij de draken en tijgers kunnen worden die de familie beschermen.”

Wangting verdiepte zich in de Huangting Jing (de Yellow Court Classic), een daoïstisch geschrift over ademhaling en interne energie. Hij zag in dat fysieke kracht eindig is, maar dat de innerlijke motor—de cultivatie van intentie en adem—een bron is die met de jaren kan groeien in plaats van uitgeput te raken. Hiermee werd de basis gelegd voor een systeem dat niet langer vertrouwde op de spieren van de jeugd, maar op de ‘Single Thread’ (Yi Yi Guan Zhi): een ononderbroken lijn van energie die het gehele lichaam verbindt.
Bouwde Chen Wangting zijn systeem zonder toevlucht te nemen tot de mystieke legendes over onsterfelijken op de Wudang-berg? Niet helemaal dus. Maar zijn genie lag in een nuchtere synthese van bewezen militaire effectiviteit en interne wetenschap. Hij nam de 32 houdingen uit de ‘Boxing Classic: Keys to Nimbleness (wendbaarheid)’ van generaal Qi Jiguang (ca. 1560) en distilleerde daaruit de meest efficiënte bewegingen, die we vandaag de dag nog herkennen in houdingen zoals ‘Single Whip’ en ‘Arhat/Boeddha Pounds the Mortar’. Er zou een overeenkomst zijn van 27 van de 32 bewegingen.
Chen Wangting nam dus inventief de militaire trainingstechnieken over, combineerde ze met zijn eigen gevechtservaring, en ze verrijkte met Daoïstische principes van ademhaling, innerlijke energie (Qi) en de interactie tussen Yin en Yang (opening en sluiting).
Chen Wangting creëerde daarmee de oorspronkelijke boksset die in Chenjiagou bekendstaat als de “Oude Frame” (Laojia / Old Frame) of de Dertien Secties Lange Vorm. Hij ontwikkelde 7 routines:
- 5 Lu (routines) die de zachtheid, ademhaling en Silk Reeling integreerde
- 2 aanvullende Lu voor Pao Tui of Canon Fist (de snelle vorm met veel stampen en sprongen)
En de 108-delige lange Chuan. Wapentraining maakte eveneens deel uit van het curriculum.
Later splitste de vorm verschillende keren tijdens de volgende generatie en verspreidde:
- In de veertiende generatie van de familie Chen paste Chen Youben de Oude Frame aan en creëerde het “Nieuwe Frame” (Xinjia / New Frame).
- Chen Qingping leerde het Nieuwe Frame van Chen Youben en stichtte de Zhaobao-stijl die je nog steeds in het naburige dorp zou vinden.
- Uit de Chen-stijl ontwikkelde eveneens de Jiao Jar stijl
- Meester Chen Changxing (veertiende generatie) zette de overdracht van de Oude Frame voort in de 18de eeuw. Hij nam – voor het eerst niet-familieleden Yang Luchan en Li Bokui aan als leerlingen.
- Yang Luchan perfectioneerde deze kunst, veranderde later in Beiping enkele houdingen en stichtte zo de wereldwijd bekende Yang-stijl.
- Vanuit de Yang-stijl en de overdracht van Chen Qingping kwamen vervolgens andere bekende familiestijlen voort, zoals de Wu-, Li-, Hao- en Sun-stijlen.
Je ziet dus dat taijiquan begonnen was als militaire stijl, met vele varianten. Omdat meesters en federaties vroeger niet geneigd was om toepassingen aan te leren aan westerlingen, ontstond het idee dat taijiquan enkel iets was voor de gezondheid. Niets is minder waar…
Chen Wangting had destijds twee duidelijke doelen voor ogen :
- Zelfverdediging: Het land was in die tijd erg onveilig. De familie en het dorp moesten zich kunnen beschermen tegen rondtrekkende rovers en bandieten [10].
- Gezondheid: Hij zocht een manier om ook op oudere leeftijd gezond, vitaal en mentaal rustig te blijven [10].
Zijn slimme combinatie van echte vechtkunst en diepe gezondheidszorg bleek een meesterzet. Het is de onbetwiste basis van alle grote Taijiquan-stijlen (zoals Yang, Wu en Sun) die tegenwoordig door miljoenen mensen wereldwijd worden beoefend om soepel, sterk en gezond te blijven.
Groet,
Steven
